Assisen Vlaanderen, Justitie1, Vlaamse schrijvers

Louis De Lentdecker (1993) – “Deze rechters hebben het imago van justitie geschonden”

27 januari 2019  

Louis De Lentdecker
(Dendermonde 1924 –Jette 1999)
Journalist pur sang.
Het Nieuwsblad en De Standaard.
De meest gekende “vliegende reporter”
een verdwenen begrip
uit de naoorlogse journalistiek.


Eerst het verhaal,
daarna de waarheid

Louis kon en mocht alles,
ook ietwat te danken
aan zijn jeugdjaren als verzetsman tijdens de Tweede Wereldoorlog,
aan zijn kunde als ex-toneelspeler,
aan zijn scherpe en rake pen
en zijn gave eerst te zorgen voor een goed verhaal,
daarna voor de waarheid.


Ik heb hem gekend

Hij was 20 jaar ouder dan ik
en ik heb hem vanaf 1976 als collega-gerechtsjournalist gekend.
Het meest  in de Hoven van Assisen Brussel en Gent.

We zijn nooit hartelijk met mekaar omgegaan,
daar waren redenen voor,
maar aan zijn groot talent kon niet worden getwijfeld.

Hij heeft zeker een invloed gehad op mijn manier van schrijven,
niet op mijn manier van denken.


Boeken, vele boeken

Louis De Lentdecker schreef en dicteerde boeken, aan de lopende band.
Bestsellers, echt waar.

In zijn De Rechters,
(Davidsfonds 1993)
heeft hij het over de justitiepaleizen
en wat daarin rondloopt.
Rechters, bijvoorbeeld.

Een beetje aangedikt door Louis, zo was hij.

En over Gust Verwerft vult hij een pagina.
Te veel eer, alweer.



Uit het boek “De Rechters”:

“…over magistraten,
over mensen die in alle vrijheid,
in eer en geweten,
mogelijk gedreven door een drang waaraan ze niet konden weerstaan,
in de hoop behoorlijk hun brood te verdienen,
uit machtswellust
of uit maatschappelijk ideaal,
ervoor kozen dag in dag uit
medemensen officieel en namens de wet
te vervolgen,
aan te klagen,
te beoordelen,
te veroordelen,
zelfs tot de zwaarste straffen,
of integendeel te absolveren.

(…)

Ik heb rechters gekend voor wie de angst
in de ogen van een beschuldigde
een kick was,
en rechters die na een tijd ontredderd waren
en ziek werden
omdat zij over zoveel geheimen en problemen van mensen moesten oordelen.

(…)

Omdat zij vaak peilen naar het geweten van anderen,
hebben rechters weinig last van hun eigen geweten.
Daarom leven ze doorgaans lang. (…)

Tientallen jaren heb ik in de schaduw geleefd van hun waardigheid,
hun rites,
hun uiterlijke plichtplegingen,
hun moeilijkheden,
hun zware verantwoordelijkheid,
hun kleine kantjes en hun hebbelijkheden,
hun theatrale optreden,
hun zelfgenoegzaamheid en hun eigendunk,
hun hermelijn,
hun rode en zwarte toga’s met vaak veel eretekens:
alsof een paleis van justitie een slagveld is
waarop men voor daden van moed en durf
tegenover de vijanden van de wet en het recht
decoraties kan verdienen.

Decennia lang was ik getuige van de moed van sommigen,
de lafheid en de kleinheid van anderen.

Ik heb rechters gekend die zelfmoord pleegden
omdat zij (…) zwaar hebben gezondigd tegen de wet en de deontologie.

Maar ik heb ook rechters gekend die de hand aan zichzelf sloegen
omdat zij niet de benoeming kregen waarop ze recht meenden te hebben.

(…)

Dit boek wil het gezag van de rechterlijke macht niet ondermijnen.
Dat kan trouwens niet meer.

De rechterlijke macht is de jongste jaren ernstig in opspraak gekomen,
minder door de schuld van de rechtzoekenden
dan door stommiteiten van lui
die in de magistratuur terechtkwamen om ze te misbruiken.

Fouten, vergissingen en onvoorzichtigheden
die onderzoekingen als naar de Bende van Nijvel hinderden
of in het honderd joegen,
waren minder het gevolg van kwade trouw en boosaardigheid
dan van domheid, ijdelheid en lafheid.

Zo bijvoorbeeld Jean Depretre,
procureur des konings in Nijvel,
iemand met veel goede wil
maar met weinig talent.

Of een hansworst als sheriff Guy Bellemans,
die dacht dat de taak van onderzoeksrechter hem toeliet mensen te bedreigen
en zelfs in de gevangenis te laten opsluiten,
enkel en alleen opdat ze zouden bekennen wat hij dacht en wilde.

Verder was er de bedenkelijke geldzucht
van gewezen procureur-generaal Verheyden in Antwerpen.

Deze mensen hebben het imago van justitie geschonden. (…)

Ik heb vooral goede herinneringen aan justitiegebouwen en aan rechters.
Ik heb hun heel wat te danken.

Ik heb veel rechters gekend, gezien en gehoord.

De examens die thans worden uitgeschreven voor kandidaat-magistraten
wijzen erop dat velen zich geroepen achten
maar weinigen het werk echt aankunnen
en derhalve soms op een belachelijke manier voor de proeven zakken.

Men mag daaruit afleiden dat het wel eens de spuigaten uitliep
toen er nog geen examens aan te pas kwamen. (…)

Rechters denken meestal dat zij de waarheid gestalte geven.
Zij maken daarbij fouten.
Zij zijn, zoals de meesten van ons,
slechts op zoek naar de waarheid.
Met alle gevolgen van dien.

Maar hun positie is belangrijker en gevaarlijker dan die van ons, gewone stervelingen.
Het is goed dat ze er zijn.
Ze zijn een noodzakelijk kwaad, net als de media en de politiek.


Meer info


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

De boeken van Gust Verwerft

Al loopt de Waarheid nog zo snel, de Onzuiverheden in de media achterhalen haar wel

"Tempus omnia revelat"
"De tijd onthult alles"