Justitie

J99 – Over het verschil tussen Koen Geens en Roberto Martinez

5 juli 2018  

Hugo Lamon, Hasselaar, advocaat en woordvoerder van de Orde van Vlaamse Balies doet het weer.

Bij het ingaan van het gerechtelijk verlof legt hij voor de speciaal-lezers van Jubel.be het verschil uit tussen justitieminister Koen Geens en bondstrainer Roberto Martinez.

Een groot verschil.

En tegelijk wordt fijntjes opgemerkt dat in de Kamer deze minister weinig tegenstand ondervindt om zijn eigenzinnige zin door te drijven.

Die tegenstand is er wel bij de magistraten en de advocaten, goddank.

Uit het betoog van Hugo Lamon:

“… De minister van justitie blijft onvermoeibaar hervormen.
Hij zal er politiek op worden afgerekend,
alhoewel hij niet alle sleutels in handen heeft.

Hij is niet zoals Roberto Martinez,
die de tactiek bepaalt,
beslist wie er mag spelen
en daarmee een groot aandeel heeft over wat er op het veld gebeurt.

De minister heeft niet de macht van een voetbaltrainer.

De spelregels worden door het parlement vastgelegd,
maar
– toegegeven –
daar ondervindt de minister weinig tegenkanting bij zijn wetsontwerpen.

De professionals op het terrein gedragen zich echter niet als gewillige voetballers die blij zijn met hun selectie.

Zowel de magistraten als de advocaten staan op hun strepen
en beklemtonen daarbij graag hun noodzakelijke onafhankelijkheid.

Voor de magistratuur betekent dat binnenkort ook een “verzelfstandigd beheer”,
wat een soort geheimtaal is
om aan te duiden dat ze
in beginsel
binnenkort zelf hun budgetten zullen moeten beheren.

Dat beloven nog pittige onderlinge discussies te worden.


De minister hier,
de balie daar

De minister heeft in principe ook niets te zeggen over de balie

Wanneer hij voor advocaten spreekt beklemtoont hij dat ook graag,
eraan toevoegend dat hij die onafhankelijkheid ook belangrijk
–en zelfs essentieel-
vindt.

Toch vindt hij dat het beroep zich moet moderniseren
en dat vinden vele advocaten ook,
al is er
binnen de beroepsgroep
niet altijd eensgezindheid over de te volgen weg
en nog minder waar die naar toe moet leiden.

Om het in voetbaltermen te zeggen:
sommigen vrezen dat
door al te grote veranderingen door te voeren
ze niet langer voetballers zijn
maar verglijden naar iets anders dat ze niet willen.

Anderen vinden dan weer dat de klassieke advocatuur te beperkt is
en ze willen onder meer nieuwe spelregels.
Aldus begrepen is de toekomst van de advocatuur onzeker te noemen.


Twee van de tienduizend

De minister moeit zich via een omweg in die discussie.

Hij heeft twee advocaten gevraagd om
voor hem
een rapport te schrijven
over de toekomst van de advocatuur,
waarvan de finaliteit enigszins onduidelijk is.

Waarom hij het precies aan die twee advocaten vroeg zal ook een voor altijd goed bewaard geheim blijven, maar niemand twijfelde aan hun deskundigheid.

Het was ook geweten dat ze barstensvol ideeën zaten die ze niet konden realiseren
toen ze zelf verantwoordelijkheid droegen binnen de advocatenordes.

Hun uitgebreid verslag kreeg veel aandacht
en het zette iedereen
die verantwoordelijkheid droeg binnen de baliestructuren
aan tot zelfreflectie.

Dat is op zichzelf al een grote verdienste die waardering verdient.


Jawel, er is over nagedacht

De raden van de orde van de lokale balies,
de besturen van de jonge balies
en de algemene vergadering
en het bestuur van de Orde van Vlaamse Balies: allemaal hebben ze erover vergaderd en aanzetten tot een gemeenschappelijk standpunt gegeven. Het is lang geleden dat zovelen zo diepgaand over de toekomst van het beroep hebben gereflecteerd.
Wie gedacht
(en misschien zelfs had gehoopt)
dat het tot Babylonische spraakverwarring zou leiden,
kwam echter bedrogen uit.

De OVB overhandigde aan de minister van justitie een syntheserapport
als antwoord op het verslag van de ministeriële experten.

Daarin staan een aantal voorstellen van wetsaanpassingen
(o.m. over de
in het gerechtelijk wetboek opgenomen
wetsbepalingen over de onverenigbaarheden
of het advocatenereloon),
maar er wordt ook op vele plaatsen herinnerd
aan de noodzakelijke onafhankelijkheid van de advocatuur.

Dat sluit bemoeienissen van de minister of het parlement uit.

De advocatuur kiest zelf zijn trainer en bepaalt zelf de tactiek.


Zet het dan in de Grondwet

Het persbericht dat de OVB verspreidde is duidelijk:
“Leg principe van onafhankelijke advocatuur vast in de Grondwet”.

De grondwettelijke invulling van de rol van de advocaat
in de rechtsstaat
is voor de OVB de belangrijkste prioriteit,
omdat de advocaat zijn beroep maar kan uitoefenen zonder inmenging van de staat en dus in alle onafhankelijkheid.

Zowel het Europees Hof voor de Rechten van de Mens
als het Hof van Justitie
hebben dit al bij herhaling bevestigd,
maar het verdient ook een grondwettelijke verankering.

Want rapporten en reflecties zijn misschien goed, de erkenning door de Grondwet is beter.

, ,


Meer info


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

De boeken van Gust Verwerft

Al loopt de Waarheid nog zo snel, de Onzuiverheden in de media achterhalen haar wel

"Tempus omnia revelat"
"De tijd onthult alles"